Moet jij glutenvrij eten en voelt het alsof je ineens een compleet nieuwe taal moet leren? Dan ben je echt niet de enige.
Wanneer je start met een glutenvrij dieet — bijvoorbeeld vanwege coeliakie, glutensensitiviteit of aanhoudende darmklachten — komt er ineens een stortvloed aan nieuwe termen op je af. PPM. Kruisbesmetting. Auto-immuunziekte. Antistoffen. Lactase. FODMAP.
Ik weet nog hoe overweldigend dat kan voelen.
Ben je net begonnen met een glutenvrij dieet omdat je net gehoord hebt dat je een intolerantie of allergie hebt? Dan begrijp je waarschijnlijk hoe overweldigend al die nieuwe termen kunnen zijn. Wil je eerst een praktisch overzicht van wat het verschil is tussen allergieën, intoleranties en andere reacties op voedsel, lees dan eerst even deze blog: Net een intolerantie of allergie? Dan is deze post voor jou. Deze blog helpt je om je situatie beter te begrijpen — voordat je je verder verdiept in alle glutenvrije begrippen.
Daarom heb ik op deze pagina de belangrijkste glutenvrije begrippen en termen voor je verzameld. In begrijpelijke taal. Zonder onnodig ingewikkeld medisch jargon. Zodat jij snapt waar het over gaat — en met meer vertrouwen glutenvrij kunt leven.
Wat zijn gluten?
Gluten zijn eiwitten die van nature voorkomen in granen zoals tarwe, rogge, gerst, spelt, durum en kamut.
Ze zorgen ervoor dat deeg elastisch wordt. Daardoor rijst brood mooi en krijgt het structuur. Zonder gluten wordt deeg minder luchtig en valt het sneller uit elkaar.
Voor mensen met coeliakie veroorzaakt gluten een afweerreactie in het lichaam. Hierdoor raakt de dunne darm beschadigd (Lebwohl et al., 2018).
Wat betekent glutenvrij?
Een product mag in Nederland “glutenvrij” heten wanneer het minder dan 20 ppm gluten bevat. PPM staat voor “parts per million” (deeltjes per miljoen). Dat betekent maximaal 20 milligram gluten per kilogram product.
Deze norm is vastgelegd in Europese wetgeving en wordt gecontroleerd door de NVWA.
Minder dan 20 ppm wordt als veilig beschouwd voor mensen met coeliakie (Codex Alimentarius Commission, 2008).
Belangrijk: glutenvrij betekent niet automatisch gezonder. Het zegt alleen iets over de hoeveelheid gluten in een product.
Coeliakie
Coeliakie (uitgesproken als seu-lia-kie) is een auto-immuunziekte. Dat betekent dat het immuunsysteem per ongeluk het eigen lichaam aanvalt.
Wanneer iemand met coeliakie gluten eet, valt het lichaam het slijmvlies van de dunne darm aan. Hierdoor kunnen klachten ontstaan zoals:
-
Buikpijn
-
Diarree
-
Vermoeidheid
-
Bloedarmoede
-
Tekorten aan voedingsstoffen
De enige behandeling voor coeliakie is een strikt glutenvrij dieet. Zelfs kleine hoeveelheden gluten kunnen al schade veroorzaken (Lebwohl et al., 2018).
Coeliakie is erfelijk en komt vaker voor binnen families.
Wat is een auto-immuunziekte?
Bij een auto-immuunziekte ziet het afweersysteem gezonde lichaamscellen als indringers. Het lichaam valt zichzelf dus aan.
Coeliakie is een auto-immuunziekte. Andere voorbeelden zijn diabetes type 1, reuma en psoriasis.
Glutensensitiviteit
Niet iedereen die klachten krijgt van gluten heeft coeliakie. Er bestaat ook niet-coeliakie glutensensitiviteit.
Mensen met glutensensitiviteit hebben geen aantoonbare darmbeschadiging zoals bij coeliakie, maar ervaren wél klachten na het eten van gluten. Denk aan:
-
Buikpijn
-
Opgeblazen gevoel
-
Vermoeidheid
-
Hoofdpijn
Er wordt nog veel onderzoek gedaan naar glutensensitiviteit en het onderscheid met bijvoorbeeld het prikkelbare darm syndroom (PDS) is soms lastig (Catassi et al., 2013).
Tarwe-allergie
Een tarwe-allergie is iets anders dan coeliakie. Hierbij reageert het immuunsysteem op bepaalde eiwitten in tarwe.
Iemand met een tarwe-allergie moet tarwe vermijden, maar kan soms wel andere glutenbevattende granen verdragen — afhankelijk van de allergie.
PPM (parts per million)
PPM betekent letterlijk “deeltjes per miljoen”. Het is een meeteenheid.
Bij glutenvrije producten betekent 20 ppm dat er maximaal 20 milligram gluten in één kilogram product mag zitten.
Kruisbesmetting
Kruisbesmetting betekent dat een glutenvrij product toch in aanraking komt met gluten tijdens bereiding of productie.
Dat kan gebeuren door:
-
Een broodrooster waar ook gewoon brood in gaat
-
Een snijplank die voor beide wordt gebruikt
-
Een oven waarin alles samen wordt gebakken
-
Productie in dezelfde fabriek
Voor iemand met coeliakie kan zelfs een kleine hoeveelheid al klachten veroorzaken.
Wat betekent “kan sporen bevatten van gluten”?
Wanneer op een verpakking staat “kan sporen bevatten van gluten”, betekent dit dat het product is gemaakt in een omgeving waar ook gluten worden verwerkt.
Er is dan een risico op kruisbesmetting.
Hoe streng je hiermee omgaat, hangt af van je medische situatie en gevoeligheid. Persoonlijk kijk ik altijd per product of ik het risico acceptabel vind of niet.
Gecertificeerd glutenvrij
Sommige producten dragen een officieel glutenvrij keurmerk, zoals het Crossed Grain symbool.
Dit betekent dat het product gecontroleerd is en voldoet aan de glutenvrije norm. Dat geeft extra zekerheid.
Haver en glutenvrij
Haver bevat van nature geen gluten. Maar bijna alle haver wordt verwerkt in fabrieken waar ook tarwe wordt verwerkt.
Daardoor ontstaat risico op kruisbesmetting.
Alleen haver die specifiek als “glutenvrij” gecertificeerd is, is veilig voor mensen met coeliakie (European Commission Regulation No 41/2009).
Antistoffen
Wanneer je getest wordt op coeliakie via bloedonderzoek, wordt gekeken naar specifieke antistoffen.
Deze antistoffen worden aangemaakt wanneer je lichaam reageert op gluten.
Belangrijk: je moet nog gluten eten op het moment van testen. Stop je al met gluten vóór het onderzoek, dan kunnen de uitslagen onbetrouwbaar zijn (Lebwohl et al., 2018).
Coeliakie en lactose-intolerantie
Bij mensen met (onbehandelde) coeliakie komt lactose-intolerantie vaker voor dan gemiddeld.
Dat komt doordat het darmslijmvlies beschadigd raakt door gluten. In dat slijmvlies wordt het enzym lactase aangemaakt — en dat heb je nodig om lactose (melksuiker) te verteren.
Als de darm beschadigd is, maakt het lichaam vaak minder lactase aan. Daardoor kunnen klachten ontstaan na het eten van zuivel.
Onderzoek laat zien dat lactose-malabsorptie regelmatig voorkomt bij mensen met actieve coeliakie (Deng et al., 2015; Ojetti et al., 2005).
FODMAP
FODMAP is een verzamelnaam voor bepaalde koolhydraten die bij sommige mensen darmklachten kunnen veroorzaken.
FODMAP staat voor:
Fermenteerbare
Oligosachariden
Disachariden
Monosachariden
And
Polyolen
Gluten vallen hier niet onder. Maar producten met tarwe bevatten vaak zowel gluten als FODMAPs. Daardoor worden glutenvrij en FODMAP-arm vaak door elkaar gehaald — terwijl het verschillende voedingsbenaderingen zijn.
Denk je dat je alleen met Coeliakie niks meer mag eten heb je het FODMAP dieet nog niet gehad. Een zeer uitgebreid dieet.
Glutenvrij leven
Glutenvrij leven betekent – helaas – meer dan alleen ander brood kopen. Het is echt een volledige aanpassingen (in de meeste gevallen).
Het vraagt etiketten lezen. Vragen stellen in restaurants. Begrijpen wat ingrediënten betekenen. En soms ook keuzes maken waar anderen niets van begrijpen.
Maar het betekent niet dat je niets meer mag. Geloof me, er is echt nog genoeg te eten. Je zal niet omkomen van de honger. Het kan alleen zijn dat de eerste paar keren in de supermarkt gewoon ellenlang duren. Omdat je het even niet meer weet. Komt goed, je bent op de juiste plek.
Met de juiste kennis wordt glutenvrij eten overzichtelijk, veilig en verrassend creatief.
En daar help ik je hier op Foodless graag bij.
Bronnen
Lebwohl B, Sanders DS, Green PHR. (2018). Coeliac disease. The Lancet.
Catassi C et al. (2013). Non-Celiac Gluten Sensitivity. Nutrients.
Deng Y et al. (2015). Lactose Intolerance in Adults. Nutrients.
Ojetti V et al. (2005). High prevalence of celiac disease among patients with lactose intolerance. Scandinavian Journal of Gastroenterology.
Codex Alimentarius Commission. (2008). Standard for Foods for Special Dietary Use for Persons Intolerant to Gluten.

